Vrouw-vriendelijk

Vrouw-vriendelijk

Dames even dichterbij schuiven. Bakkie erbij en in je buik ademen. Heren even respectvol stapje achteruit doen. Meelezen, mee luisteren, niet mee bemoeien. Helder?
Daar gaan we.

“Een beste vriendin heb ik ook niet.” Zegt ze. Tranen springen tevoorschijn maar ze is al weg. Gevlucht. Te veel waarheid. Ik zie nog net de deur achter haar dichtvallen en een semi-jolig opgestoken arm. Ze stond aan mijn balie met meer pijntjes en lastige klachten dan te verwachten. Af en toe kom ik haar tegen. Bij sport. In een winkel. Op straat.
Oersterk. Een vechter. Competitiedrang. Beetje bang ben ik dan voor dat recht voor se raapse bekkie. Nu staat ze hier met al die klachten. Een lijf in opstand. Bleek. En niet meer zo sterk. Ik vraag of ze stress heeft. Ik vraag waarom ze zo druk is. En uiteindelijk. Vraag ik waarom ze altijd zo sterk doet. Grensoverschrijdend sterk. En nu zegt haar lichaam “Genoeg!”

Ik wil haar vertellen dat zij genoeg is. Ik wil haar vertellen dat een zachte boodschap ook wordt begrepen. Maar minder energie kost. Ik wil haar vertellen dat ik haar bewonder om kwaliteiten die ik zelf niet heb. Ik wil haar vertellen dat ze niet bang hoeft te zijn. Ik wil haar het liefst knuffelen zoals haar moeder dat deed ( hoop ik ) en zeggen dat alles goed komt. Dat zij goed is. Precies. Zoals ze is.

De drang om sterk te blijven, sterk te lijken, is groot. Weerstand en verlangen. Totdat ik opper dat ze haar eigen beste vriendin moet gaan zijn. Zacht. Liefdevol. En zonder oordeel. Ook niet over zichzelf.
“Een beste vriendin heb ik ook niet”. Zegt ze dan.

We doen het allemaal. We lijken op elkaar. Doorgaan. Grenzen over. Niet zeuren. Aanpakken. Organiseren. Mogelijk maken. En vooral blijven lachen. Tot de uitputting aan toe. Soms pas lamgelegd als ons lichaam dat voor ons doet. Competitiedrang. Oordelen. Soms buitensluiten. Voornamelijk onszelf. Maar wat kleuren we een naar plaatje voor elkaar. We trekken muren op om niet geraakt te worden. We oordelen en beoordelen. We laten ons wegjagen van onszelf. Van elkaar.

Hoe gek is het dat ik deze vrouw geen knuffel kan geven? Er staan drie legers klaar om haar kwetsbaarheid te beschermen. Ze is te vaak beschadigd in vertrouwen. Te vaak buitengesloten. Te vaak beoordeeld op uiterlijk(e) schijn. Met een grote bek en een ijzeren wil. Maar met een groot gebrek. Aan oordeelvrije vriendschap. Van ons. Vrouwen.

Dames. Zij is mij. En ik ben jou.
Mens. Meisje. Vrouw.
Zullen we vandaag eens lief zijn voor onszelf? En voor elkaar?

Hallo Leven.
Ik ben jij.
Jij bent mij.
Herinner je dat even.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

4 + 5 =